Gratis gidsenLeven in plaats van overlevenGratis kennis voor iedereenElke euro is te volgenGratis onderzoekGoed voor jou en voor de planeet
Kratos Natural
Inhoud van de opleiding
Overzicht
01. Wat is longevity?6 lessen
02. Leren leren11 lessen
03. Scheikunde6 lessen
04. Biochemie6 lessen
05. Celbiologie10 lessen
06. Microbiologie7 lessen
07. Anatomie8 lessen
08. Fysiologie per systeem16 lessen
09. Metabolisme7 lessen
10. Gezondheid en ziekte18 lessen
11. Veroudering14 lessen
12. Voeding21 lessen
13. Leefstijl22 lessen
14. Supplementen22 lessen
15. Bloedwaarden10 lessen
16. Verdieping10 lessen
17. Zelf toepassen10 lessen

Fysiologie per systeem

Hoe werkt ademhalen?

De uitwisseling in je longblaasjes, waarom je ademprikkel op kooldioxide zit, en wat er met de jaren verandert.


Je ademt ongeveer twintigduizend keer per dag, bijna altijd zonder erbij na te denken.

Wat gebeurt er precies?

Je middenrif trekt samen en zakt. Daardoor wordt je borstkas groter, daalt de druk erin, en stroomt lucht naar binnen.

Uitademen gaat in rust vanzelf: het middenrif ontspant en het weefsel veert terug. Inademen kost energie en uitademen niet, en dat is de reden dat een lange uitademing rustgevender voelt.

Waar zit de uitwisseling?

In de longblaasjes, een paar honderd miljoen kleine zakjes aan het eind van de vertakkingen. Uitgevouwen zouden ze samen een oppervlak van tientallen vierkante meters beslaan.

De wand daarvan is één cellaag dik, en daar ligt een haarvat tegenaan. Zuurstof gaat die kant op, kooldioxide komt terug.

Waarom adem je eigenlijk?

Niet vanwege zuurstoftekort, in normale omstandigheden. Je ademprikkel zit vooral op kooldioxide, en dat verrast vrijwel iedereen.

Bouwt kooldioxide op, dan wordt je bloed iets zuurder, en dat merken sensoren in je hersenstam en in je vaten op. Dan ga je sneller ademen.

Dat is ook waarom je na flink doorademen even geen behoefte hebt om te ademen: het kooldioxide is laag, niet de zuurstof hoog.

Wat verandert er met de jaren?

Je borstkas wordt stijver en je middenrif zwakker. De kleine luchtwegen vallen eerder dicht bij uitademen.

De gemeten longinhoud daalt daardoor langzaam, vanaf ergens rond je vijfentwintigste. Hoeveel je daarvan merkt hangt af van hoeveel je van je longen vraagt, en roken versnelt het proces met afstand het hardst.

Controlevraag

Waar zit je ademprikkel op?
Je mag het zo vaak proberen als je wilt. Afvinken kan zodra je bent ingelogd.