"Verlaagt de kans op ziekte X met vijftig procent." Dat klinkt als een halvering van iets wat je bezighoudt.
Het zegt niets over hoe groot die kans om te beginnen was. De helft van bijna niets is nog steeds bijna niets.
Wat is het verschil?
Het relatieve risico zegt hoeveel een kans verandert ten opzichte van waar hij stond. Het absolute risico zegt hoe groot die kans werkelijk is.
Alleen het tweede getal kun je ergens aan afmeten. Het eerste is een verhouding zonder schaal.
Een kop uit elkaar gehaald
Stel dat twee van de duizend mensen ziekte X krijgen. Dat is 0,2 procent.
Met het middel wordt dat één op de duizend, oftewel 0,1 procent. Dat is inderdaad een halvering, want van twee naar één.
In absolute termen daalde je kans met een tiende van een procentpunt. Dezelfde uitkomst, twee manieren om hem op te schrijven, en een totaal ander gevoel.
Marketing kiest bijna altijd de eerste.
Hoeveel mensen voor één resultaat?
Het nuttigste getal in de hele geneeskunde, en het staat zelden in een kop: hoe veel mensen moeten dit doen voordat er bij één iemand iets verandert?
In het voorbeeld hierboven is dat duizend. Duizend mensen aan het middel om bij één persoon het verschil te maken.
Bij een sterke behandeling staat daar vijf. Bij een zwakke vijfhonderd. Hoe lager dat getal, hoe krachtiger het middel in het echte leven.
Wat vraag je voortaan?
Wat was de kans zonder. Wat is de kans met. En hoeveel mensen zijn er nodig voor één resultaat.
Staat dat er niet bij, dan is de kop reclame en geen bevinding.

