Je hebt nu atomen, bindingen en reacties. Deze module voegt ze samen tot de moleculen van het leven.
Dat zijn er verrassend weinig. Vier soorten moleculen vormen vrijwel alles wat leeft, van je huid tot je hersenen tot de kleur van je ogen.
Welke vier?
Koolhydraten leveren snelle energie en dienen als opslag. Vetten slaan energie op, vormen de wand van elke cel, en zijn de grondstof voor je hormonen.
Eiwitten doen het werk: ze zijn enzym, bouwsteen, transportmiddel en signaal tegelijk. En nucleïnezuren, DNA en RNA, bewaren de instructies en voeren ze uit.
Waarom staat dit voor de cel?
Omdat een cel uit deze moleculen bestaat. De wand van een cel is gemaakt van een soort vet, de machines erin zijn eiwitten, en de instructies liggen in DNA.
Wie de cel eerst bekijkt, moet halverwege terug voor de bouwstenen. De volgorde bespaart je dat.

