Gratis gidsenLeven in plaats van overlevenGratis kennis voor iedereenElke euro is te volgenGratis onderzoekGoed voor jou en voor de planeet
Kratos Natural
Inhoud van de opleiding
Overzicht
01. Wat is longevity?6 lessen
02. Leren leren11 lessen
03. Scheikunde6 lessen
04. Biochemie6 lessen
05. Celbiologie10 lessen
06. Microbiologie7 lessen
07. Anatomie8 lessen
08. Fysiologie per systeem16 lessen
09. Metabolisme7 lessen
10. Gezondheid en ziekte18 lessen
11. Veroudering14 lessen
12. Voeding21 lessen
13. Leefstijl22 lessen
14. Supplementen22 lessen
15. Bloedwaarden10 lessen
16. Verdieping10 lessen
17. Zelf toepassen10 lessen

Scheikunde

Waar bestaat alles uit?

Protonen, neutronen en elektronen, en waarom juist de elektronen bepalen wat er in je lichaam gebeurt.


Alles wat je aanraakt, eet of bent, is een verzameling atomen die zich in een bepaalde vorm heeft georganiseerd. Een atoom heeft een kern en daaromheen elektronen.

Wat zit er in de kern?

Protonen zijn positief geladen. Hun aantal bepaalt welk element je hebt, en niets anders. Koolstof heeft er zes, zuurstof acht. Verander dat aantal en je hebt een ander element.

Neutronen zitten er ook in en hebben geen lading. Ze geven massa en houden de kern stabiel. Te veel of te weinig ervan maakt een kern instabiel, oftewel radioactief.

Waarom draait alles om de elektronen?

Omdat elektronen de reden zijn dat scheikunde bestaat. Ze worden gedeeld, weggegeven of afgepakt, en dat is wat een binding is.

Het verklaart ook meteen het belangrijkste begrip van deze module. Een vrije radicaal is een molecuul met een los elektron, en daardoor grijpt het naar het eerste elektron dat het kan pakken.

Wat is een ion?

Een atoom dat een elektron kwijt is of er een bij heeft gekregen, en daardoor geladen is.

Kwijt betekent positief: natrium en kalium zijn daar voorbeelden van. Erbij betekent negatief, zoals chloride. Deze geladen deeltjes doen het elektrische werk in je lichaam, van een zenuwsignaal tot een spiersamentrekking.

Welke elementen komen steeds terug?

Elf, en je komt ze in bijna elke module hierna weer tegen.

Koolstof, waterstof, zuurstof en stikstof vormen samen vrijwel alles wat leeft. Fosfor zit in je DNA en in je energiemunt. Zwavel zit in bepaalde aminozuren.

En dan de mineralen: ijzer voor zuurstoftransport, zink voor je afweer en je enzymen, magnesium voor honderden reacties, selenium tegen oxidatieve schade, en jodium voor je schildklier.

Je hoeft ze niet uit je hoofd te leren. Je moet ze herkennen als ze langskomen, want dat gebeurt vaak.

Controlevraag

Waarom zijn elektronen belangrijk in deze opleiding?
Je mag het zo vaak proberen als je wilt. Afvinken kan zodra je bent ingelogd.