Chronische, laaggradige ontsteking geeft geen klachten. Dat maakt meten hier de enige manier om het te zien.
Welke waarde?
Een eiwit dat je lever afgeeft bij ontsteking, gemeten met een gevoelige bepaling.
De gewone bepaling is gemaakt voor infecties en meet grof. De gevoelige versie meet in het lage bereik waar het bij dit onderwerp om gaat.
Als ruwe indeling wordt aangehouden: onder de 1 milligram per liter laag risico, tussen 1 en 3 matig, boven de 3 verhoogd.
Wanneer meet je niet?
Bij een verkoudheid, een griep, een ontstoken tandvlees, kort na een operatie of kort na een zware training.
Al die dingen schieten de waarde omhoog en maken de uitslag onbruikbaar. Wacht minstens twee weken na een infectie.
En meet twee keer met een paar weken ertussen. Eén uitslag zegt hier weinig.
Welke waarden zeggen er nog meer iets?
Het aantal witte bloedcellen, en vooral de verhouding tussen twee soorten ervan. Die verhouding wordt gebruikt als grove maat en ze verschuift bij aanhoudende belasting.
De bezinking, een oudere en tragere maat die vooral bij bepaalde aandoeningen gebruikt wordt.
Ferritine, dat ijzeropslag meet en tegelijk stijgt bij ontsteking. Dat maakt hem lastig te lezen: een hoge waarde kan opslag zijn of ontsteking.
Wat verlaagt het?
De lijst uit de module over ziekte, en geen enkele verrassing: minder buikvet, beter slapen, bewegen, niet roken, tandvlees in orde.
Wat niet aantoonbaar helpt is het merendeel van wat als ontstekingsremmend verkocht wordt. Dat stond in de module over supplementen.
Waar let je op?
Dat een verhoogde waarde een aanwijzing is en geen diagnose. Er zijn tientallen oorzaken, van onschuldig tot ernstig.
Blijft hij verhoogd zonder verklaring, dan hoort dat bij een arts.

