Je bestaat uit tientallen biljoenen cellen. Elk daarvan is een afgesloten ruimte waarin de scheikunde uit de vorige modules daadwerkelijk plaatsvindt.
Waarom is dit het belangrijkste niveau?
Omdat veroudering hier begint. Niet in een orgaan dat op een dag stukgaat, maar in cellen die schade oplopen en die schade steeds minder goed herstellen.
Wat je later leest over voeding, beweging en supplementen grijpt op dit niveau aan. Een middel dat zegt je energie te verbeteren, doet dat door iets te veranderen in een cel, of het doet niets.
Wat zit er in?
Een wand die bepaalt wat er in en uit gaat. Een vloeistof waarin alles drijft. Een kern met de instructies. En een reeks gespecialiseerde onderdelen met elk een eigen taak.
Die onderdelen heten organellen, en die krijgen een eigen les.
Wat moet je vooral onthouden?
Twee processen, en ze komen in deze module allebei aan bod.
Een cel ruimt zijn eigen kapotte onderdelen op. En een cel die onherstelbaar beschadigd is, breekt zichzelf netjes af.
Allebei gaan ze langzamer werken naarmate je ouder wordt. Dat is geen detail maar een groot deel van het antwoord op waarom je veroudert.

