Dit is waarschijnlijk het belangrijkste onderwerp van deze hele module, en het duidelijkste.
Wat betekent bewerkt?
Er wordt een indeling in vier groepen gebruikt. Van onbewerkt, via keukeningrediënten en gewoon bewerkt, naar de vierde groep.
Die vierde groep bestaat uit producten die grotendeels uit industrieel gemaakte onderdelen bestaan, met toevoegingen die je thuis niet in de kast hebt.
Het kenmerk is niet ongezond maar industrieel samengesteld. Een pak volkorenbrood uit de fabriek valt er vaak ook onder, en dat laat zien dat de indeling grof is.
Wat is het bewijs?
Het sterkste komt uit een proef met loting waarin mensen twee weken lang alles kregen voorgeschoteld: eerst het ene patroon, daarna het andere, met dezelfde hoeveelheid suiker, vet, zout en vezels.
Ze mochten eten tot ze vol waren. Op het sterk bewerkte patroon aten ze ongeveer vijfhonderd calorieën per dag meer en kwamen ze aan. Op het andere vielen ze af.
Dat is opmerkelijk omdat de samenstelling gelijk was. Het ging dus niet om wat erin zat maar om wat het met eten deed.
Waarom eet je er meer van?
Een paar verklaringen, en geen enkele is bewezen de belangrijkste.
Het eet sneller, want het is zachter en vraagt minder kauwen. Het geeft minder verzadiging per calorie. De combinatie van vet, suiker en zout komt in de natuur niet voor en werkt sterk op je beloningssysteem.
En de textuur vertelt je mond iets anders dan wat er binnenkomt.
Wat zeggen de cohorten?
Consistent: meer van deze producten gaat samen met meer overgewicht, hart- en vaatziekte, diabetes en sterfte, ook na corrigeren voor calorieën.
Dat blijft waarnemend onderzoek, en de proef hierboven maakt het beeld een stuk sterker.
Wat doe je ermee?
De nuttigste vraag bij een pak is niet hoeveel calorieën erin zitten maar hoeveel stappen het van een plant of een dier af staat.
Dat is grover dan een etiket lezen en het voorspelt beter.

