Een gewone ontsteking is nuttig. Er is iets binnengedrongen of stuk, je afweer komt erop af, het wordt opgelost, en de ontsteking dooft uit.
Chronische ontsteking dooft niet uit. Ze staat laag aan, jaren achtereen, zonder dat er iets te bestrijden valt.
Je merkt er niets van, en dat is precies wat haar gevaarlijk maakt.
Waar komt ze vandaan?
Uit een handvol bronnen die vrijwel allemaal in deze opleiding terugkomen.
Vetweefsel rond je organen geeft ontstekingssignalen af, en hoe meer ervan, hoe meer signaal.
Cellen die niet meer delen en ook niet sterven, geven signalen af aan hun hele omgeving. Die stapelen zich op met de jaren.
Een darmwand die minder goed afsluit, laat stukjes bacteriewand door die je afweer prikkelen.
Slaaptekort verhoogt ontstekingswaarden meetbaar. Langdurige stress ook. En tandvleesontsteking loopt jarenlang door.
Waarom is dat schadelijk?
Omdat ontsteking gereedschap gebruikt dat weefsel beschadigt. Dat is prima voor een paar dagen en niet voor twintig jaar.
Ze maakt de vaatwand minder goed werkend, ze draagt bij aan insulineresistentie, en ze speelt een rol bij bijna elke ziekte in de rest van deze module.
Hoe meet je het?
Met een eiwit dat je lever afgeeft bij ontsteking, gemeten met een gevoelige test. Bij infectie schiet die waarde omhoog; bij chronische ontsteking blijft hij licht verhoogd.
Daar zit meteen de valkuil. Een verkoudheid verstoort de uitslag volledig, dus meten heeft alleen zin als je een paar weken niets onder de leden hebt gehad, en één meting zegt weinig.
Wat verlaagt het?
De dingen die verderop uitgebreid aan bod komen: minder buikvet, beter slapen, regelmatig bewegen, voldoende vezels, en niet roken.
Er wordt veel verkocht als ontstekingsremmend. Voor een deel daarvan bestaat redelijk bewijs en voor het meeste niet, en dat verschil krijgt een eigen module.

