Iets uitproberen en kijken wat er gebeurt, lijkt de meest wetenschappelijke handeling die er is. Meestal is het het tegenovergestelde.
Waarom mislukt het meestal?
Om vier redenen, en ze gelden allemaal tegelijk.
Je weet wat je doet, dus je verwacht iets. Dat is de placebowerking, en die is bij subjectieve uitkomsten als energie en slaapgevoel groot.
Je begint iets op het moment dat het slecht gaat. Daarna gaat het beter, want slechte periodes gaan over. Dat heet terugval naar het gemiddelde, en het is de belangrijkste reden dat vrijwel alles lijkt te werken.
Je verandert zelden één ding. Wie een supplement begint, let die weken ook beter op de rest.
En je onthoudt selectief wat past.
De zes regels
Verander één ding tegelijk. Niet twee, ook al kost dat meer tijd.
Kies vooraf wat je gaat meten en wat je als verschil telt. "Meer energie" is geen uitkomst; een cijfer van één tot tien, elke dag op hetzelfde moment, wel.
Meet eerst twee weken zonder iets te veranderen. Zonder uitgangspunt heb je niets om mee te vergelijken.
Neem lang genoeg. Vier tot acht weken voor de meeste dingen, en langer voor bloedwaarden.
Herhaal het aan en uit. Aan, uit, aan: als het effect drie keer meeschakelt, is er iets aan de hand. Dit is de krachtigste regel van de zes.
En laat iemand anders bijhouden wanneer je wat neemt, als dat kan. Twee potjes, waarvan één zonder werkzame stof, en jij weet niet welke wanneer.
Wat kun je zo niet testen?
Alles wat over jaren gaat. Of een supplement je risico op dementie verlaagt, is met geen enkele zelfproef te beantwoorden.
Wat wel kan: slaap, energie, spijsvertering, prestatie, bloedsuikerreactie, en waarden die binnen maanden bewegen.
Wat is de winst?
Dat je iets over jezelf leert dat in geen enkel onderzoek staat, want dat gaat over gemiddelden.
En dat je ophoudt met betalen voor dingen die bij jou niets doen. Dat is het concreetste rendement van deze hele opleiding.

